Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD8903.
41. Het vijfde middel bevat de klacht dat de bewezenverklaring onvoldoende met redenen is omkleed, met name terzake van het `medeplegen'. Door de steller van het middel wordt betoogd dat aan de medepleger een substantieel verwijt moet kunnen worden gemaakt terzake van het tot-stand-komen van het delict. Volgens het middel kan uit de door het hof gebezigde bewijsmiddelen niet volgen dat er sprake is van medeplegen van diefstal. Ik volg de stellers in hun aanpak van dit punt, waar zij spreken over medeplegen (art. 310, eerste lid ten vierde, Sr bezigt een andere terminologie die echter wezenlijk niet van het leerstuk van het medeplegen afwijkt, zie De Hullu, Materieel Strafrecht, 2000, p. 445).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6, en de alinea staat in dat document op bytes 30778 tot 31492.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f0bbeafe143f333814f49b41b7181473d5414fb10f30b9b8c94ca241830447c6 | shasum -a 256