Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002
Alinea 51 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9113.
20) Bovendien had het hof in de voorafgaande overwegingen al aangegeven waarom het onvoldoende gronden aanwezig zag voor de door de vrouw bepleite matiging. Daarin ligt besloten dat, voorzover de vereveningswet wèl verdergaande matiging zou indiceren, het hof die matiging niet aangewezen achtte, en ook waarom het hof daar zo over dacht.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/61d75fc4d3236fd2235b6f62c2c321e2f9e67958387064891ce40229f1523289. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 61d75fc4d3236fd2235b6f62c2c321e2f9e67958387064891ce40229f1523289, en de alinea staat in dat document op bytes 25395 tot 25748.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/61d75fc4d3236fd2235b6f62c2c321e2f9e67958387064891ce40229f1523289 | shasum -a 256