Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002
Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9124.
2.3. Art. 391 maakt deel uit van de derde titel van boek II van het Wetboek van Koophandel: de bepalingen over de positie van de kapitein aan boord van een zeeschip. Eenzelfde bepaling, maar dan ten aanzien van schepelingen, is opgenomen in art. 450b WvK respectievelijk (voor zeevissers) in art. 452p WvK. De simpele vraag, waarom de toepasselijkheid van art. 1638x (thans art. 7:658) BW in art. 391, 450b en 452p WvK wordt uitgesloten, leidt tot een zoektocht die ons ver in de tijd terugvoert.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/235e8a4cbed8e9f63a3d0c2942f72c90a7b4796f8f4bc832238d3385b10d8a36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 235e8a4cbed8e9f63a3d0c2942f72c90a7b4796f8f4bc832238d3385b10d8a36, en de alinea staat in dat document op bytes 12985 tot 13495.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/235e8a4cbed8e9f63a3d0c2942f72c90a7b4796f8f4bc832238d3385b10d8a36 | shasum -a 256