Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002

Alinea 38 Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9124.

2.13. Nu is de moeilijkheid dat [eiser] zijn vordering in appel heeft gebaseerd op een fout van [betrokkene A] waarvoor De Branding ingevolge art. 1403 (oud) BW aansprakelijk is: zie alinea 1.7 hierboven. Het is waarschijnlijk om deze reden, dat het hof niet is toegekomen aan art. 1638x, tweede lid, (oud) BW, en dus ook niet aan het criterium opzet of bewuste roekeloosheid. Dit valt m.i. aan te merken als een te enge lezing van de vordering: de werkgever is ook in het kader van art. 1638x (oud) BW voor gedragingen van de door hem bij de uitvoering van zijn verbintenissen gebruikte hulppersonen op gelijke wijze als voor eigen gedragingen aansprakelijk(20). Wanneer [eiser] De Branding aanspreekt op grond van een fout van [betrokkene A], had het hof, de rechtsgronden aanvullend, kunnen verstaan dat de (bij gebreke van een contractuele relatie op onrechtmatige daad gebaseerde) vordering tegen de inlener diende te worden beoordeeld aan de hand van de maatstaf die aan art. 1638x BW ten grondslag lag. Wat ervan zij, middel I onder b bevat m.i. een beter aanknopingspunt voor cassatie dan middel I onder a.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/235e8a4cbed8e9f63a3d0c2942f72c90a7b4796f8f4bc832238d3385b10d8a36. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 235e8a4cbed8e9f63a3d0c2942f72c90a7b4796f8f4bc832238d3385b10d8a36, en de alinea staat in dat document op bytes 25017 tot 26144.