Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002
Alinea 41 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9143.
Dit staat wel erg ver af van wat de wetgever destijds redelijkerwijs bedoeld kan hebben (.....). Er is de mogelijkheid van inschakeling van de rechter op de voet van art. 1:253a BW, maar ik denk dat het dan eigenlijk voor de ouder die 'gezamenlijk' het gezag uitoefent tot de spelregels behoort dit niet of nooit te doen. Wel een heel dunne, emotionele band derhalve. Maar inderdaad beter dan toeziende voogdij, en mét uitzicht op van rechtswege alleen-gezag, als de ander overlijdt of het verprutst en ontheffing of zelfs ontzetting moet volgen. En, belangrijker: het gezamenlijk gezag van art. 253t kan voor de ouder en zijn of haar partner waar het kind woont niet ontstaan noch kan stiefouderadoptie dreigen."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a, en de alinea staat in dat document op bytes 19986 tot 20713.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a | shasum -a 256