Citaat | Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002
Alinea 44 Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 19 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9143.
"Mijns inziens zou het ten goede komen aan de duidelijkheid voor betrokkenen als de feitelijke opvoedingssituatie juridisch gelegitimeerd kon worden. Gezamenlijk ouderlijk gezag na echtscheiding is prima, maar dan alleen als de ouders ook allebei daadwerkelijk in staat én bereid blijken om dit gezag gezamenlijk uit te oefenen. Waar deze gezamenlijke bereidheid ontbreekt, zou het beter zijn als het dagelijkse opvoedings- en verzorgingsrecht slechts zou toekomen aan de verzorgende ouder, eventueel samen met een nieuwe levensgezel via art. 1:253t BW. Voor de niet verzorgende ouder resteert dan het reeds bestaande omgangs- en informatierecht, alsmede een nieuw in te voeren medebeslisrecht inzake belangrijke gebeurtenissen in het leven van het kind. Dit medebeslisrecht zou vanzelfsprekend verder moeten gaan dan het thans geldende redelijk vrijblijvende consultatierecht voor de niet met gezag belaste ouder (art. 1:377b BW). Ons moderne gezagsrecht is niet gediend met een inhoudsloze vorm ter compensatie van de ouder die, als gevolg van het mislukken van zijn huwelijk, niet in staat is een dagelijkse rol te spelen in het leven van zijn kind.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a, en de alinea staat in dat document op bytes 21298 tot 22464.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5f7fe5d844c14c397728b80159783dbed8b40b798d12d77f6add7eeea6e63c5a | shasum -a 256