Citaat | Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002

Alinea 24 Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 5 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9145.

"Het oordeel van de oostenrijkse rechter dat [de vader] ondanks het (negatieve) antwoord op zijn, 's-rechters, vragen door de verzekeringsgeneeskundige en de arbeidsdeskundige, een zekere verdiencapaciteit heeft, ontbeert een (begrijpelijke en consistente) redengeving. De mening van het Pflegeschaftsgericht is niet voldoende om dat euvel te herstellen, nu de onderbouwing van die mening niet is te kennen uit enig processtuk, terwijl [de vader] zich over een en ander kennelijk niet heeft kunnen uitlaten. De oostenrijkse rechter heeft dusdoende zijn oordeel heeft laten steunen op gegevens die hij kennelijk niet aan [de vader] kenbaar heeft gemaakt en ten aanzien waarvan hij [de vader] kennelijk geen gelegenheid heeft gegeven zich uit te laten."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e07e957368c63ab513a36d3335825506108bdb8423d00a5f83ed628709c09cb2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e07e957368c63ab513a36d3335825506108bdb8423d00a5f83ed628709c09cb2, en de alinea staat in dat document op bytes 10764 tot 11529.