Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Alinea 101 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.

34. Naar mijn oordeel was de ter terechtzitting van 6 juli 1999 genomen beslissing uit haar aard een voorlopige. In dat stadium van de behandeling heeft het Hof geoordeeld dat de door de raadsman aangeduide stukken relevant leken te zijn, en daarom ter kennis van de verdediging en van het Hof zelf dienden te komen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 44557 tot 44886.