Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Alinea 102 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.

Uit de wijze waarop de raadsman ter terechtzitting van 29 november 1999 de in zijn brief van 21 juni 1999 gedane verzoeken heeft herhaald en nader toegelicht, en voorts uit hetgeen bij pleidooi is aangevoerd omtrent "het niet geven van openheid door politie en OM" kan worden afgeleid dat de raadsman met name bij zijn verzoek persisteerde in verband met het bij de verdediging bestaande vermoeden dat [betrokkene 6] in het vooronderzoek een rol heeft gespeeld als infiltrant of als criminele burgerinformant.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 44894 tot 45416.