Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Alinea 12 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.
4. In de toelichting op het middel onder 2.1 wordt er op gewezen dat de raadsman bij brief van 21 juni 1999 aan de advocaat-generaal heeft verzocht de in het middel bedoelde CID-runners en contactpersonen bij het BKA (Bundeskriminalamt) te horen, waartoe is aangevoerd dat uit het dossier blijkt dat [betrokkene 6] met betrekking tot verzoeker contact heeft gehad met die CID-runners, respectievelijk contactpersonen bij het BKA, en dat het horen van deze personen naar het inzicht van de verdediging van belang was in verband met de stelling dat [betrokkene 6] op verzoek van de CID keer op keer verzoeker heeft benaderd, en deze [betrokkene 6] naar eigen zeggen voor het BKA is gaan werken omdat hij onder de regie van het BKA zou mogen uitlokken, waarbij het BKA contact had met de CID.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 7737 tot 8540.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7 | shasum -a 256