Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Alinea 154 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.
"Naar 's hofs oordeel is niet aannemelijk geworden dat de telefoontaps niet (mede) ten doel hadden om te komen tot waarheidsvinding met betrekking tot het feit dat is omschreven in de vordering gerechtelijk vooronderzoek d.d. 10 november 1997, waarbij het hof het in die vordering omschreven feit, door het gebruik van de tijdsaanduiding "tot heden" daarin, aldus leest dat het feit terzake waarvan verdenking bestond zich tevens uitstrekt over de periode na de datum van de vordering. Het hof is voorts van oordeel dat de tijdspanne gedurende welke de telefoontaps hebben plaatsgevonden voldoende rechtvaardiging vindt in de ernst van de verdenking, mede in aanmerking genomen dat het hier een verdachte politiefunctionaris betrof."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 71070 tot 71816.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7 | shasum -a 256