Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Alinea 59 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.

Voor zover men hier al iets uit zou kunnen afleiden - met de grootst mogelijke behoedzaamheid - is het dat [betrokkene 6] in overleg met de CID-medewerkers op 2 september 1997 persoonlijk aan iemand heeft medegedeeld dat het 'einde verhaal' was. Voorts kan men er uit begrijpen dat [betrokkene 6] er op had aangedrongen 'nog eventjes' een gesprek met de CID-medewerkers te hebben; dat hij dat belangrijk vond omdat hij op een eerder moment had doorgegeven dat 'het verhaal met [verdachte] in feite in werking gezet kon worden' en er nog meer dingen te bespreken waren; dat [betrokkene 6] in het telefoongesprek van 24 september 1997 te verstaan is gegeven dat zijn contactpersonen bij de CID zo'n gesprek, waarvoor al eens een afspraak was gemaakt die door [betrokkene 6] niet was nagekomen, eveneens nuttig vonden, om het 'een keer af te kunnen ronden' en dat men er vanaf wilde.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 24789 tot 25683.