Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9222.

33. Indien de rechter moet vaststellen dat aan zijn eerder gegeven last tot het aanvullen van het dossier met bepaalde stukken geen gevolg is gegeven (of geen gevolg kon worden gegeven, bijvoorbeeld omdat de desbetreffende stukken inmiddels teloor zijn gegaan) zal hij zich moeten beraden over de vragen of hij daardoor in de onmogelijkheid is komen te verkeren een oordeel te geven omtrent van belang zijnde kwesties, en of het de verdediging onmogelijk is gemaakt dienaangaande haar rechten uit te oefenen. Dan zal de rechter moeten bezien of het ontbreken van de stukken aan sluiting van het onderzoek in de weg staat, of tot heropening daarvan dient te leiden, dan wel het ontbreken van de stukken gevolgen moet hebben voor de einduitspraak wegens de onvolledigheid van het onderzoek of een niet te herstellen inbreuk op de processuele belangen van de verdachte.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86d07aea9992c05c8fd25929fce82141b4fb98c813bd759eeee904a4b8fd8fb7, en de alinea staat in dat document op bytes 42841 tot 43720.