Citaat | Parket bij de Hoge Raad 26 april 2002
Alinea 61 Parket bij de Hoge Raad 26 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 26 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9339.
2.9 Uiteraard geldt ook voor vervangende schadevergoeding dat zij slechts op vermogensschade of ander nadeel als bedoeld in art. 6:95 BW betrekking kan hebben. M.i. is daarvoor echter voldoende dat de gemiste prestatie op geld waardeerbaar is. Dat is hier ontegenzeggelijk het geval. Overigens kan nog worden opgemerkt dat de wederkerige overeenkomst waaruit de oorspronkelijke verbintenis van [verweerster] voortsproot, in betalingen door [eiser] c.s.(29) voorzag. [Eiser] c.s. hebben moeten betalen voor een prestatie die hun in hun stellingen (althans ten dele) is onthouden. In verband met de keuze van [eiser] c.s. voor vervangende schadevergoeding is de bedoelde verbintenis tot betaling in stand gebleven.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/52084badb6ea50eed2d4013f2fc4e10db1d2b53c9c012afd382534fe11752ad1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 52084badb6ea50eed2d4013f2fc4e10db1d2b53c9c012afd382534fe11752ad1, en de alinea staat in dat document op bytes 29524 tot 30249.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/52084badb6ea50eed2d4013f2fc4e10db1d2b53c9c012afd382534fe11752ad1 | shasum -a 256