Citaat | Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2002
Alinea 107 Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 4 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9474.
6.5 In het licht van de overige bewijsmiddelen in onderling verband en samenhang beschouwd, gaat het hof eveneens als onaannemelijk voorbij aan de stelling van de zijde van de verdediging, dat het overige op de sok aangetroffen DNA-materiaal - bedoeld wordt ander materiaal dan dat van verdachte en het slachtoffer - in de richting zou wijzen van een mogelijk andere dader dan verdachte.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a73df7553a8fa2f4daad060f2ef3ab799393d39acd43c8d6fbec6a2a14df9f56. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a73df7553a8fa2f4daad060f2ef3ab799393d39acd43c8d6fbec6a2a14df9f56, en de alinea staat in dat document op bytes 48360 tot 48760.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a73df7553a8fa2f4daad060f2ef3ab799393d39acd43c8d6fbec6a2a14df9f56 | shasum -a 256