Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 april 2002
Alinea 20 Parket bij de Hoge Raad 9 april 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 april 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9562.
Ik kreeg een relatie met [verdachte]. (..) Op 19 december 1997 ben ik getrouwd met [verdachte]. Op 27 december 1997 ging ik in onze woning in Beuningen naar de slaapkamer. [Verdachte] kwam even later op die dag achter mij aan. Ik stond naast het bed. Hij ging achter mij staan, gooide mij op bed, draaide mijn lichaam, hield mij met beide handen bij mijn polsen vast, ging op mij liggen, waardoor ik niet meer weg kon, en deed vervolgens met een hand mijn gele pyamabroek naar beneden en met zijn benen deed hij die broek verder naar beneden. Vervolgens kwam hij met zijn penis in mijn vagina. Hij ging met zijn penis uit mijn vagina en kwam met zijn penis schuin in mijn vagina weer naar binnen, waarna hij na een aantal stoten klaar kwam. Ik ervoer dit als een extreme en pijnlijke vorm van gemeenschap hebben. Ik wilde dit niet. (..)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1c7402fc1ff77ac6df100b0dca961429387426800bad50e5d6b4bbf2ebaae619. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1c7402fc1ff77ac6df100b0dca961429387426800bad50e5d6b4bbf2ebaae619, en de alinea staat in dat document op bytes 6987 tot 7836.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1c7402fc1ff77ac6df100b0dca961429387426800bad50e5d6b4bbf2ebaae619 | shasum -a 256