Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002
Alinea 140 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9600.
4.34 Ik realiseer mij uiteraard dat deze opvatting een zekere hardheid in zich bergt. Dat is met name hieraan toe te schrijven dat de fictie dat de regel al bestond en daarmee kenbaar was (of verhullender: de geobjectiveerde bekendheid(40)) de werkelijkheid niet per se dekt. Dat valt vanzelfsprekend te betreuren. Maar het is in ons - en m.i. in ieder beschaafd - rechtsstelsel de onvermijdelijke prijs die voor rechtspraak moet worden betaald.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847, en de alinea staat in dat document op bytes 46005 tot 46464.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847 | shasum -a 256