Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002
Alinea 148 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9600.
4.42 M.i. moet dus worden aangenomen dat de verjaring - vanaf het tijdstip waarop de huidige wettelijke regeling moet worden toegepast - reeds de dag na het onder 1.4 genoemde besluit ging lopen. Uit praktische overwegingen ga ik er verder - in 's Hofs voetspoor - veronderstellenderwijs van uit dat de vijfjarige verjaringstermijn van art. 3:310 BW is aangevangen op 29 maart 1989 (de dag na de uitspraak van het CBB).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847, en de alinea staat in dat document op bytes 49074 tot 49507.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/a10cebf868056afa0df3b65afe7dadaf9b9bc011bcfa3e7e2153f408bb951847 | shasum -a 256