Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002

Alinea 91 Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9601.

3.3 Ware dit al anders, dan zou er hooguit sprake kunnen zijn van een uitzondering op de zojuist geformuleerde regel wanneer [verweerder] (gemotiveerd) zou hebben aangegeven dat het CBB de uiteenzetting van zijn advocaat ter zitting verkeerd heeft begrepen. [Verweerder] heeft een dergelijke stelling evenwel niet betrokken. Hij is blijven steken in een verwijzing naar zijn stukken; zie onder 2.19.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d6400aa62585a7838dbd35445f4c0c0dcaa80b72d697a35b69028b9f9ca4a0c4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d6400aa62585a7838dbd35445f4c0c0dcaa80b72d697a35b69028b9f9ca4a0c4, en de alinea staat in dat document op bytes 25924 tot 26336.