Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002

Alinea 22 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9604.

"Naar het oordeel van het hof kan uit de door Ziegler in eerste aanleg in de conclusie van eis in reconventie gestelde feiten (...) redelijkerwijs slechts de conclusie worden getrokken dat Ziegler aan Spectra een tekortkoming in de nakoming van haar contractuele verplichtingen in het kader van een overeenkomst tot opdracht tot invoer van partijen ktv's in de EU heeft verweten, zomede een onrechtmatige daad door schending van een buiten contractuele norm, te weten, kort weergegeven, door misleiding van Ziegler door het bewust verstrekken van onjuiste informatie omtrent onder meer de oorsprong van de ktv's. Hieruit volgt dat de rechtbank te Rotterdam zich terecht bevoegd heeft verklaard om van de vordering van Ziegler op Spectra kennis te nemen. Deze bevoegdheid is gebaseerd op artikel 5, eerste lid en derde lid, EEX."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ee22f0d850dc71d465afed0281e19f755ad696a349c598220e68e4c25ee1cc02. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ee22f0d850dc71d465afed0281e19f755ad696a349c598220e68e4c25ee1cc02, en de alinea staat in dat document op bytes 9390 tot 10231.