Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Alinea 32 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9609.

14. Subonderdeel 1.3, dat klaagt dat zonder nadere motivering niet valt in te zien waarom deze vordering niet toewijsbaar is en dat betoogt dat, nu het vergaarde materiaal voor het merendeel [eiser] zelf betreft, [eiser] in beginsel een recht heeft op afgifte van kopieën van het materiaal, gaat uit van een exhibitieplicht die het Nederlandse procesrecht niet kent (vgl. art. 843a Rv).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7091207df0750d85379b6d570081b1a61f244c1503aa6f47c7989a7343e82387. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7091207df0750d85379b6d570081b1a61f244c1503aa6f47c7989a7343e82387, en de alinea staat in dat document op bytes 15795 tot 16196.