Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9618.
2.17 De aanwezigheid van een tegenstrijdig belang in voormelde zin tast in beginsel niet de bevoegdheid van het bestuur aan om de vennootschap te besturen en de daartoe noodzakelijke besluiten te nemen. In elk geval naar de letter betreft zij slechts de bevoegdheid van het bestuur om de vennootschap tegenover derden te vertegenwoordigen.(39) Een meerderheid van de schrijvers meent dan ook dat de bestuursbevoegdheid in tegenstrijdig-belangsituaties niet bij de bijzondere vertegenwoordiger komt te liggen.(40) Dit wordt ook wenselijk geacht omdat het niet de bedoeling van de wetgever kan zijn dat de bijzondere vertegenwoordiger zelfstandig besluiten voor de vennootschap kan nemen. De tegenstrijdig-belangregeling wordt hierdoor niet nutteloos omdat de bijzonder vertegenwoordiger niet - en zeker niet zonder meer - hoeft uit te voeren wat het bestuur heeft besloten. Hem komt dus in feite een goedkeuringsrecht toe.(41)
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328, en de alinea staat in dat document op bytes 29312 tot 30251.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328 | shasum -a 256