Citaat | Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Alinea 89 Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 3 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9618.
2.32 Wanneer één van de partijen die in eerste aanleg aan een zijde stonden, in hoger beroep gaat, verleent de appelrechter aan zijn uitspraak ook gelding ten opzichte van de niet in beroep gekomen partij, indien sprake is van een processueel ondeelbare rechtsverhouding.(50) Dit vloeit voort uit het recht dat iedere veroordeelde toekomt om gebruik te maken van de mogelijkheid tot een hogere voorziening, ongeacht de houding van hen die mede werden veroordeeld.(51) Een beslissing als hier bedoeld wordt, anders dan de niet-ontvankelijkheidverklaring op grond van de exceptio pluris litis consortium, ambtshalve genomen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328, en de alinea staat in dat document op bytes 44047 tot 44684.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/481d0d47e35ab11b7fb7dbb65b2a71e09e2d42421fe5ed9b03ddeea7de18e328 | shasum -a 256