Citaat | Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002

Alinea 28 Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 22 februari 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9688.

2.5 Indien men het oordeel van de Rechtbank aldus zou lezen dat als uitgangspuntg geen grond betaat voor een vergoeding van de waarde die is verbonden aan "puur speculatieve verwachtingen," zou het oordeel steunen op een onjuiste rechtsopvatting. De werkelijke waarde, dat is de marktwaarde, moet immers vergoed worden, dus ook voor zover die beïnvloed wordt door puur speculatieve verwachtingen. Ik meen echter dat het oordeel van de Rechtbank in het licht van de door de partijen gestelde feiten en van 's Rechtbanks voorafgaande overwegingen aldus moet worden verstaan dat in casu geen relevante verwachtingswaarde bestaat omdat de verwachting van grootschalige woningbouw onvoldoende reëel is (nl. puur speculatief, derhalve zonder redelijke grond), zodat een redelijk handelende koper er niet noemenswaard voor zou betalen. Aldus uitgelegd is het oordeel niet onbegrijpelijk en steunt het niet op een onjuiste rechtsopvatting, zodat het in cassatie onaantastbaar is.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/557a2ab0865dd6e63faea89a79c6ea53873226b3a721e04de1def740e61c09b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 557a2ab0865dd6e63faea89a79c6ea53873226b3a721e04de1def740e61c09b2, en de alinea staat in dat document op bytes 10663 tot 11650.