Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Alinea 49 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9716.
6.5 Voor de thans te berechten zaak betekent een en ander dat de primitieve aanslag op zichzelf moet worden bezien op materiële juistheid, dat de opgelegde navorderingsaanslag eveneens op zichzelf beoordeeld moet worden, en dat de belanghebbende in een procedure over de navorderingsaanslag opnieuw de elementen van het belastbare inkomen 1993 aan de orde kan stellen, behoudens uiteraard die welke inmiddels bij onherroepelijke rechterlijke uitspraak vaststaan. Hieruit volgt dat op zichzelf belanghebbendes betoog in middel (ii) onjuist is: de omstandigheid dat een element in een navorderingsaanslag vervat is, neemt niet weg dat het tevens in een andere aanslag vervat kan zijn, zij het dat vervolgens beide aanslagen in de juiste volgorde op hun materiële juistheid onderzocht moeten worden, hetgeen betekent dat vastgesteld moet worden in welke van de twee aanslagen dat element thuishoort en dat zodra dat vast staat, de andere - zo nodig van ambtswege - dienovereenkomstig herzien moet worden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/01382f3439f6bcd991ef444cb7686482b6f85ad9dc6612dbda865616bede7fc8. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 01382f3439f6bcd991ef444cb7686482b6f85ad9dc6612dbda865616bede7fc8, en de alinea staat in dat document op bytes 19809 tot 20825.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/01382f3439f6bcd991ef444cb7686482b6f85ad9dc6612dbda865616bede7fc8 | shasum -a 256