Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002
Alinea 65 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9856.
3.9 Niet onbegrijpelijk heeft de Ondernemingskamer als verweerder in deze procedure aangemerkt "De Staat der Nederlanden (Het College van procureurs-generaal)". Waar de Ondernemingskamer heeft overwogen - in navolging van partijen - dat "het College van procureurs-generaal, althans de minister van Justitie, ingevolge artikel 43 lid 2 Politiewet 1993 het beheer voert over de Rijksrecherche" heeft hij kennelijk tot uitdrukking willen brengen dat de Staat (verweerder) ten opzichte van de Rijksrecherche is aan te merken als ondernemer in de zin van art. 1, eerste lid, onder d, van de WOR, waaraan niet afdoet dat de bevoegdheid tot het nemen van het omstreden besluit toekomt aan het College van procureurs-generaal, evenals de minister van Justitie aan te merken als een buiten de Rijksrecherche staand orgaan van de ondernemer. Dat oordeel getuigt, dunkt mij, niet van een onjuiste rechtsopvatting. Het is immers de Staat die de middelen verschaft om de Rijksrecherche te laten functioneren. De Staat houdt de Rijksrecherche als onderneming in stand, vgl. Kamerstukken II, 1993/1994, 23 551, nr 3, p. 3.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97e68f06f19d4968cfb29083c3c561fb92cddf1f5442f89174186abd0b146a04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97e68f06f19d4968cfb29083c3c561fb92cddf1f5442f89174186abd0b146a04, en de alinea staat in dat document op bytes 31784 tot 32905.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/97e68f06f19d4968cfb29083c3c561fb92cddf1f5442f89174186abd0b146a04 | shasum -a 256