Citaat | Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002

Alinea 82 Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 1 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9856.

4.6 Waar wordt gesproken over 'democratische organen' en 'democratisch gecontroleerde organen', zoals in de zo-even genoemde overweging uit HR NJ 2000, 223, dient derhalve gedacht te worden aan de verhouding tussen de uit gekozen leden bestaande vertegenwoordigende lichamen enerzijds, en de instituten (ambtsdragers) die voor hun optreden in zulke vertegenwoordigde lichamen verantwoording moeten afleggen anderzijds. Dat is in de memorie van toelichting op wetsvoorstel 23 551 tot uitdrukking gebracht door als voorbeelden van 'democratisch gecontroleerde organen' te noemen "kabinet en Staten-Generaal, college van burgemeester en wethouders en de raad, etc.", en als voorbeelden van niet-democratisch gecontroleerde publiekrechtelijke organen de Algemene Rekenkamer en de Nationale Ombudsman, Kamerstukken II, 1993/1994, 23 551, nr 3, p. 5, resp. p. 6).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/97e68f06f19d4968cfb29083c3c561fb92cddf1f5442f89174186abd0b146a04. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 97e68f06f19d4968cfb29083c3c561fb92cddf1f5442f89174186abd0b146a04, en de alinea staat in dat document op bytes 42831 tot 43701.