Citaat | Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2002
Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 8 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9880.
3.10 In de tweede plaats geldt (ook) nationaalrechtelijk dat in beginsel de toestand ten tijde van het instellen van het rechtsmiddel beslissend is. Als de belanghebbende op het moment van instellen van beroep daarbij voldoende belang had, doet aan de toegang tot de rechter niet meer af dat dit belang door toedoen van de inspecteur (bijvoorbeeld door vernietiging, intrekking of vermindering van ambtswege van de aanslag of van de aansprakelijkstelling) tijdens de procedure ophoudt te bestaan, al was het alleen maar in verband met de proceskosten, het griffierecht en een eventuele civielrechtelijke aansprakelijkheid van de Staat voor onrechtmatige aanslagoplegging.(9) Ik leid uit uw oordeel in de reeds afgedane zaak nr 34.990 van dezelfde belanghebbende af dat een ten tijde van de indiening ervan ontvankelijk beroepschrift niet alsnog niet-ontvankelijk kan worden door latere omstandigheden, althans niet door het uitblijven van een aangekondigde verdere motivering.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d310b7260c1c07343d7209d82d825e47ce297b3a05494208c789443358b5e0b2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d310b7260c1c07343d7209d82d825e47ce297b3a05494208c789443358b5e0b2, en de alinea staat in dat document op bytes 38444 tot 39434.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d310b7260c1c07343d7209d82d825e47ce297b3a05494208c789443358b5e0b2 | shasum -a 256