Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Alinea 18 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9915.

Vervolgens is van belang de parlementaire geschiedenis van genoemde wettelijke bepaling. Bij het lezen van die geschiedenis valt direct op dat deze summier is. Een duidelijke definitie van "weten" ontbreekt; evenals significante voorbeelden ter illustratie van de werkingsomvang van artikel 126 ff van het Wetboek van Strafvordering. In de geschiedenis staat nergens dat "weten" - in strijd met de gebruikelijke betekenis van het woord - begrepen moet worden als "(voldoende) aanwijzingen" of "een (redelijk) vermoeden" of "ernstige bezwaren". Wel merkt de minister op dat gebleken is dat het niet eenvoudig is een adequate formulering voor het verbod op doorlaten te vinden. Hij spreekt vervolgens de hoop uit dat de gevonden formulering zal voldoen, zodat het verbod op doorlaten in de rechtspraktijk adequaat zal worden ingevuld en nageleefd, waarbij hij niet alleen de tekst van de wet van belang acht, maar ook de ratio van het verbod (EK, 25403, nr. 119b, blz. 3 en 4). De geschiedenis biedt derhalve weinig aanknopingspunten voor het vaststellen van de werkingsomvang van het begrip "weten", behalve dat blijkbaar niet beoogd is aan dat begrip een andere betekenis te geven dan de grammaticale betekenis van het woord. Met andere woorden: weten is weten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8ea7acfb4e6a0b3cbae5e3752bec7247f77ca4777e1777fb4442526c00eb4f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8ea7acfb4e6a0b3cbae5e3752bec7247f77ca4777e1777fb4442526c00eb4f0, en de alinea staat in dat document op bytes 8165 tot 9440.