Citaat | Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 2 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9915.

Tijdens de parlementaire bespreking van deze bepaling heeft de minister gewezen op de mogelijke consequenties van schending van art. 126ff Sv. Die zouden in de eerste plaats liggen bij disciplinaire maatregelen voor de betreffende opsporingsambtenaren. Gelet op het geschonden belang achtte de minister het 'minder aannemelijk' dat een dergelijke schending zou leiden tot bewijsuitsluiting laat staan niet-ontvankelijkheid van het openbaar ministerie.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a8ea7acfb4e6a0b3cbae5e3752bec7247f77ca4777e1777fb4442526c00eb4f0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a8ea7acfb4e6a0b3cbae5e3752bec7247f77ca4777e1777fb4442526c00eb4f0, en de alinea staat in dat document op bytes 14857 tot 15321.