Citaat | Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 25 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AD9964.

25. Het hof heeft op zeer uitvoerige wijze gemotiveerd waarom het op grond van de stukken - waaronder een niet toelaatbaar stuk, zie mijn oordeel over het derde middel - oplegging van TBS met dwangverpleging geïndiceerd acht. Nu verzoeker geweigerd heeft volledig mee te werken aan multidisciplinaire rapportage geldt de bijzondere motiveringsplicht van art. 37, derde lid, Sr. Dat het hof niet is ingegaan op de in het middel gestelde gebreken met betrekking tot de deskundigen en de deugdelijkheid van hun methodes en bevindingen zal - behalve aan het naar mening niet responsieplichtige van het verweer - ook liggen aan de omstandigheid dat het verweer niet in de in het middel gepresenteerde vorm is onderbouwd. De vraag of de straftoemeting ondanks de gegeven motivering, die mijns inziens voldoet aan de eisen van art. 37, derde lid, Sr verbazing wekt na alles wat tegen de eis van TBS met dwangverpleging van de zijde van verzoeker en de verdediging is ingebracht kan slecht ontkennend worden beantwoord. Het vierde middel faalt.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/951fd733eff4dfb35259eb0fac7fb771034a827b6b47aa0f8510c34219e8f7c2. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 951fd733eff4dfb35259eb0fac7fb771034a827b6b47aa0f8510c34219e8f7c2, en de alinea staat in dat document op bytes 18670 tot 19720.