Citaat | Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Alinea 23 Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 12 maart 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0072.
9. De door de raadsman in zijn pleitnotitie (blz. 5) veronderstelde verbanden tussen enerzijds a. de mogelijkheid dat [betrokkene C] niet de natuurlijke moeder van [betrokkene A] is, of b. het door verzoeker van de eerste plaats bij de moeder verdrongen zijn van [betrokkene A], en anderzijds de door hem veronderstelde behoefte van [betrokkene A] om wraak te nemen op verzoeker is zó vergezocht dat het hof - zelfs indien het wel van het gestelde in de pleitnota op de hoogte was geweest - zijn beslissing de getuige [betrokkene C] het antwoorden te beletten niet nader had behoeven te motiveren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/55ba1ef4bb473c075dfe0d746c298f387892267df003b27121cb10624d1de6bd. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 55ba1ef4bb473c075dfe0d746c298f387892267df003b27121cb10624d1de6bd, en de alinea staat in dat document op bytes 9135 tot 9748.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/55ba1ef4bb473c075dfe0d746c298f387892267df003b27121cb10624d1de6bd | shasum -a 256