Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002
Alinea 116 Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0466.
5.21 Dit lijkt consistent: absolute veronachtzaming heeft voor- en nadelen. De belanghebbenden kunnen niet naar believen bij de bepaling van de belastingvrije som van de niet-vrijgestelde echtgenoot het standpunt innemen dat het vrijgestelde inkomen veronachtzaamd moet worden, om vervolgens bij de maritale toerekening van niet-verzelfstandigde inkomensbestanddelen het tegengestelde standpunt in te nemen. Uit dit arrest in combinatie met BNB 1991/89 volgt voorts dat het bij de belastingheffing van niet-verzelfstandigde inkomensbestanddelen niet uitmaakt met welke soort vrijstelling ("absoluut" of niet, progressievoorbehoud of niet) wij te maken hebben: in alle gevallen wordt bij de maritale toerekening van niet-verzelfstandigde inkomsten het vrijgestelde verzelfstandigde inkomen genegeerd. Terecht: met de toerekening van die niet-verzelfstandigde (vermogens)inkomsten heeft de vrijstelling niets van doen, of zij nu relatief, absoluut of voorbehoudloos of niet is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b737d1cf6de2b2ee25cbf61eaf26fb2620a276fc934c4e5dd4ad5966217e44a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b737d1cf6de2b2ee25cbf61eaf26fb2620a276fc934c4e5dd4ad5966217e44a9, en de alinea staat in dat document op bytes 54939 tot 55927.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/b737d1cf6de2b2ee25cbf61eaf26fb2620a276fc934c4e5dd4ad5966217e44a9 | shasum -a 256