Citaat | Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002

Alinea 98 Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 27 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0466.

4. Hieruit volgt dat indien bij de toepassing ten aanzien van belanghebbende van artikel 22, lid 3, rekening zou worden gehouden - gelijk het Hof heeft gedaan - met het vrijgestelde inkomen van haar echtgenoot, een resultaat zou worden verkregen dat zich met het bepaalde in artikel 7, lid 2, eerste volzin, niet verdraagt. Derhalve moet dit inkomen bij de toepassing ten aanzien van belanghebbende van artikel 22, lid 3, buiten aanmerking blijven."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b737d1cf6de2b2ee25cbf61eaf26fb2620a276fc934c4e5dd4ad5966217e44a9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b737d1cf6de2b2ee25cbf61eaf26fb2620a276fc934c4e5dd4ad5966217e44a9, en de alinea staat in dat document op bytes 40068 tot 40530.