Citaat | Parket bij de Hoge Raad 7 mei 2002

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 7 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 7 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0537.

Mede omdat het door verzoeker ingestelde hoger beroep was gericht tegen een in eerste aanleg gewezen vonnis waarbij hij wegens de drie, hem tenlastegelegde feiten is veroordeeld, zal de vordering van de advocaat-generaal aldus verstaan moeten worden dat er wederom een bewezenverklaring van die drie feiten diende te volgen, zodat de gevorderde straf betrekking had op die drie feiten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/975127087583bcd8143a96f84c465b22b0d1ff4737d67ef5d2c2c3d13b864cec. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 975127087583bcd8143a96f84c465b22b0d1ff4737d67ef5d2c2c3d13b864cec, en de alinea staat in dat document op bytes 10179 tot 10577.