Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002

Alinea 62 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0553.

21. Ook moet worden bedacht (de steller van de middelen wijst daar in de toelichting op het eerste middel terecht op) dat een nader onderzoek naar het voortbestaan van de rechtspersoon of daaraan gelijkgestelde entiteit nog geen zekerheid zal bieden dat die rechtspersoon of entiteit ook bij de aanvang van de vervolging nog bestaat (geacht moet worden ten minste ter vereffening van vermogen voort te bestaan), aangezien er tussen dat nader onderzoek en het uitbrengen van de dagvaarding enige tijd kan verstrijken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcfa9b86e7dc98edf03eb7856732a349276815e4ad11e15d6ee58d132c37a6a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcfa9b86e7dc98edf03eb7856732a349276815e4ad11e15d6ee58d132c37a6a0, en de alinea staat in dat document op bytes 25735 tot 26264.