Citaat | Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002
Alinea 74 Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 24 september 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0553.
26. Bovendien is het Hof naar mijn inzicht ten onrechte voorbijgegaan aan de omstandigheid dat de inleidende dagvaarding is uitgereikt aan [betrokkene 1], die blijkens de daarvan opgemaakte akte bij die gelegenheid heeft verklaard bestuurder van de geadresseerde, dat is: de maatschap, te zijn. Daarin is een aanwijzing te vinden dat de maatschap zich ook op dat moment nog aan derden voordeed als een bestaande entiteit. Ik wijs er verder nog op dat in de aan de bestreden uitspraak gehechte notitie van de advocaat-generaal is vermeld dat ook naar aanleiding van een door het Openbaar Ministerie gedaan transactievoorstel geen kennis is gegeven van ontbinding van de maatschap.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/dcfa9b86e7dc98edf03eb7856732a349276815e4ad11e15d6ee58d132c37a6a0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt dcfa9b86e7dc98edf03eb7856732a349276815e4ad11e15d6ee58d132c37a6a0, en de alinea staat in dat document op bytes 30361 tot 31053.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/dcfa9b86e7dc98edf03eb7856732a349276815e4ad11e15d6ee58d132c37a6a0 | shasum -a 256