Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002

Alinea 36 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0660.

15. Onderdeel 1.3 betoogt dat de rechter bij de vraag of plaats is voor toewijzing van een geldvordering in kort geding en de vraag of het restitutierisico daaraan in de weg staat, geen of althans geen overwegende betekenis mag toekennen aan het feit dat hij die vordering (geheel of gedeeltelijk) zal toewijzen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f555bc631db42f3fb91961d62fa5b7e7d356e31768e09bd55195e1017f9d1b74. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f555bc631db42f3fb91961d62fa5b7e7d356e31768e09bd55195e1017f9d1b74, en de alinea staat in dat document op bytes 17711 tot 18036.