Citaat | Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Alinea 39 Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 31 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE0746.

2.18 Het subonderdeel faalt. Op basis van de voorhanden stukken (zie hiervoor onder 2.6- 2.8) heeft het hof kunnen beslissen dat de termijn was overschreden. Niet beslissend is de datering van het verzoekschrift, maar de binnenkomst ter griffie (art. 429d lid 2 Rv. oud). Het is ook niet ongebruikelijk dat er een zekere tijdsspanne zit tussen de datering van een processtuk en de indiening ervan. Vervolgens heeft het hof deze kwestie tijdens de mondelinge behandeling aan de orde gesteld. Dat [verzoeker] niet in staat is geweest op "het voor de procedure relevante en intussen essentiële gegeven te reageren" (subonderdeel 2.4), heeft hij aan zichzelf te wijten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a0b19290b0975faec2ea4c330b62e969a8e356232e0f9d70482991ec47554c7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a0b19290b0975faec2ea4c330b62e969a8e356232e0f9d70482991ec47554c7, en de alinea staat in dat document op bytes 16055 tot 16734.