Citaat | Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2002

Alinea 79 Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 28 mei 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1182.

"Bij mij komt de vraag op of hij (AM: de heer Wolffensperger) zich daarbij realiseert dat het kan gaan om vermogens van een zo grote omvang dat er redelijkerwijs geen twijfel over kan bestaan dat daar een of ander retraceerbaar pad van verwerving voor aan te wijzen zou moeten zijn, of juist niet."(24)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f456e820704a1286ddfaaf95e0c607104d419760747ac5ed0c79334fa3733f7a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f456e820704a1286ddfaaf95e0c607104d419760747ac5ed0c79334fa3733f7a, en de alinea staat in dat document op bytes 36646 tot 36961.