Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002

Alinea 27 Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 juli 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1332.

3.4. Naar mijn mening gaat het in de onderhavige zaak om de laatste twee momenten dat de voorzitter het publiek heeft verzocht de zaal te verlaten. De eerste beslissing is er een van het hof geweest en is genomen in het belang van de waarheidsvinding. De waarheidsvinding maakt onderdeel uit van een goede rechtspleging. Het belang van de waarheidsvinding kan daarom een grond opleveren ter beperking van de uitwendige openbaarheid.(2) De eerste beslissing om het onderzoek voort te zetten buiten aanwezigheid van het publiek is naar mijn mening toereikend gemotiveerd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/fb07edf19c5d3bc4ea2e097768ee56ea9d209bfae8e63b9c053633823694f627. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt fb07edf19c5d3bc4ea2e097768ee56ea9d209bfae8e63b9c053633823694f627, en de alinea staat in dat document op bytes 13850 tot 14432.