Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002

Alinea 26 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1529.

6) Men is geneigd te denken dat daarmee de kous af is; en men is daartoe misschien eens te meer geneigd, omdat de rechtspraak van de Hoge Raad een aantal voorbeelden laat zien van casusposities, waarin ook werd aangenomen dat een werkgever mocht vertrouwen dat, kort gezegd, zijn werknemer het er verder bij zou laten zitten; en waarin de basis voor dat vertrouwen toch in overwegende mate moest worden gevonden in het feit dat de werknemer lange tijd had verzuimd te laten blijken, dat hij zijn betreffende (al dan niet vermeende) rechten toch nog geldend wilde maken(5).

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d4dae64f97a4d5a13ee6072d4a11a40a11c1e6ba67fd8364eb660bd984107e0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d4dae64f97a4d5a13ee6072d4a11a40a11c1e6ba67fd8364eb660bd984107e0, en de alinea staat in dat document op bytes 9063 tot 9649.