Citaat | Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002

Alinea 42 Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 21 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1529.

15) Wat de rechtbank heeft vastgesteld lijkt mij namelijk onvoldoende om gerechtvaardigd vertrouwen bij Kimberly-Clark te hebben kunnen opleveren. De gebleken feiten zijn niet van dien aard dat onmiskenbaar was dat [eiser] c.s. (uiteindelijk, zo blijkt uit de processtukken, hebben ook andere werknemers tegelijk met [eiser] aanspraken geldend gemaakt(15)) zich bij Kimberly-Clark's besluit hadden neergelegd - op zijn minst was daarover gerede twijfel mogelijk, en mocht Kimberly-Clark dus niet zomaar aannemen dat de voor haar gunstigste uitleg van de houding van [eiser] c.s. ook de juiste was. Daarnaast geldt dat er geen omstandigheden zijn vastgesteld die een grondslag (kunnen) opleveren voor een andere denkbare basis voor "gerechtvaardigd vertrouwen", zoals bijvoorbeeld een valabele verkeersbehoefte, of een in het nadeel van [eiser] wegende zorgvuldigheidsnorm.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4d4dae64f97a4d5a13ee6072d4a11a40a11c1e6ba67fd8364eb660bd984107e0. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4d4dae64f97a4d5a13ee6072d4a11a40a11c1e6ba67fd8364eb660bd984107e0, en de alinea staat in dat document op bytes 16507 tot 17393.