Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1533.
2.2 De opzet van art. 7:681 BW (en van de voorganger van dit artikel) weerspiegelt de problemen van de wetgever om het begrip "kennelijk onredelijk" in een meer abstracte definitie te vangen. Met die problemen hangt ook samen dat de wetgever de rechter hier een grote vrijheid heeft gelaten. In de memorie van toelichting bij het wetsontwerp dat uiteindelijk tot het herziene ontslagrecht van 1953 heeft geleid,(5) wordt daarover opgemerkt:
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f18e67c744e6d4e18af7daec03dc12c360d87a19ffa88b7679b09db16b60897d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f18e67c744e6d4e18af7daec03dc12c360d87a19ffa88b7679b09db16b60897d, en de alinea staat in dat document op bytes 12857 tot 13310.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f18e67c744e6d4e18af7daec03dc12c360d87a19ffa88b7679b09db16b60897d | shasum -a 256