Citaat | Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002

Alinea 52 Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 14 juni 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE1533.

2.19 Subonderdeel 1.4 klaagt, dat, anders dan in rov. 4.3.c (suboverweging 5) is geoordeeld, individuele omstandigheden van de werknemer uit de aard van de zaak niet in een sociaal plan als hier aan de orde is, kunnen worden verdisconteerd. Naar mijn mening moet het aangevochten oordeel aldus worden verstaan, dat de rechtbank in suboverweging 5 slechts die factoren (zoals leeftijd en diensttijd) op het oog heeft, die in het algemeen de positie van de individuele werknemer kenmerken. Van die factoren zijn in de door de rechtbank gevolgde gedachtegang de (in suboverweging 7 bedoelde) bijzondere (en eventueel tot een afwijking van het Sociaal Plan nopende) omstandigheden van de individuele werknemer te onderscheiden. Aldus beschouwd geeft het aangevochten oordeel niet van een onjuiste rechtsopvatting blijk en is het evenmin onbegrijpelijk.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f18e67c744e6d4e18af7daec03dc12c360d87a19ffa88b7679b09db16b60897d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f18e67c744e6d4e18af7daec03dc12c360d87a19ffa88b7679b09db16b60897d, en de alinea staat in dat document op bytes 31316 tot 32177.