Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 76 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2115.

Zowel in de Wte 1995 als in de Richtlijn ontbreekt een duidelijke tijdsbepaling. De Richtlijn spreekt van een voornemen dat vooraf moet worden gemeld. Het ligt voor de hand dat de Richtlijn met vooraf bedoelt: vóór de daadwerkelijke verwerving van de deelneming. Ook in het systeem van de Wte 1995 ligt besloten dat men een vvgb moet hebben gevraagd (en dat een vvgb moet zijn verkregen) op het moment waarop men de deelneming verwerft. Mede gelet op het verband dat Richtlijn en Wte 1995 tussen deelnemingen en de daaraan verbonden zeggenschap leggen, zou ik menen dat het voor verwerving beslissende moment het moment is, waarop de aandelen daadwerkelijk aan de verwerver worden overgedragen.(12)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f3f8404b23ee9ede0da812b7cf7d08fdba3d99bcd72d75472db1d6a6fe9ac30e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f3f8404b23ee9ede0da812b7cf7d08fdba3d99bcd72d75472db1d6a6fe9ac30e, en de alinea staat in dat document op bytes 32142 tot 32856.