Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Alinea 142 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002

Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2117.

4.25.6 In het NJB van 14 maart 1997 spreekt een aantal auteurs zich over het arrest uit waarin met name ook de ethische en rechtspolitieke vragen aan bod komen. De filosoof Cobben meent dat de schade in de allereerste plaats immaterieel is; zijn inziens zou daarvoor een forse vergoeding op haar plaats zijn.(23)

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8b4d79eb45eff2fe1ad52074c7a7b3995e567ad1a40958296a93adf9032d7269. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8b4d79eb45eff2fe1ad52074c7a7b3995e567ad1a40958296a93adf9032d7269, en de alinea staat in dat document op bytes 41321 tot 41647.