Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Alinea 159 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2117.
4.33 Een geval als het onderhavige kán worden gebracht onder art. 6:106 lid 1 onder b BW. Kán, want een noodzaak daartoe bestaat niet. Uit de wetsgeschiedenis valt niet op te maken of de wetgever zulks heeft gewild. Als gezegd biedt ook de rechtspraak daarvoor geen basis, terwijl de doctrine evenmin in meerderheid daarvoor pleit. Bij die stand van zaken komt het m.i. aan op de kracht van de argumenten voor en tegen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8b4d79eb45eff2fe1ad52074c7a7b3995e567ad1a40958296a93adf9032d7269. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8b4d79eb45eff2fe1ad52074c7a7b3995e567ad1a40958296a93adf9032d7269, en de alinea staat in dat document op bytes 48384 tot 48818.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8b4d79eb45eff2fe1ad52074c7a7b3995e567ad1a40958296a93adf9032d7269 | shasum -a 256