Citaat | Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Alinea 21 Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 11 oktober 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2120.
7. Het Hof heeft in zijn arrest van 10 juli 2000 vastgesteld dat in hoger beroep nog slechts ter discussie staat of aan CTV en/of [A] een met opzet gelijk te stellen vorm van schuld in de zin van art. 29 CMR valt te verwijten (r.o. 4.8; ik volg de in de cassatiedagvaarding voorgestelde nummering van de rechtsoverwegingen van het Hof). Ten aanzien van deze vraag heeft het Hof het volgende overwogen. De diefstal is niet het waarschijnlijk gevolg van het parkeren op de onbewaakte parkeerplaats, zodat deze handelwijze - los van de andersluidende parkeerinstructies van K-Line - op zichzelf geen grove schuld oplevert. De kans op diefstal was, ondanks de kostbare lading, zo veel kleiner dan de kans dat de vrachtwagen níet zou worden gestolen, dat de diefstal niet als waarschijnlijk gevolg van het handelen van [A] kan worden aangemerkt (r.o. 4.12). Dit staat er naar het oordeel van het Hof evenwel niet aan in de weg dat aan CTV of [A] op andere gronden grove schuld kan worden verweten. Het Hof overwoog (r.o. 4.13):
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/4db03b192cddbcd3b88c6016d4d39e51e279566f2278271680929f8d84fde84d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 4db03b192cddbcd3b88c6016d4d39e51e279566f2278271680929f8d84fde84d, en de alinea staat in dat document op bytes 9074 tot 10110.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/4db03b192cddbcd3b88c6016d4d39e51e279566f2278271680929f8d84fde84d | shasum -a 256