Citaat | Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Alinea 30 Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002
Een alinea uit Parket bij de Hoge Raad 9 augustus 2002, ECLI:NL:PHR:2002:AE2146.
9) Deze maatstaf wordt in de literatuur in meerderheid niet kritisch beoordeeld(6). Wetsontwerp 26 089, inmiddels in de Eerste Kamer aanhangig, beoogt opneming van deze maatstaf in de wet zelf, in het voorgestelde art. 7:226 lid 3. Het middel gaat ook van deze maatstaf uit. [Verweerder] c.s. bestrijden die ook niet. Ik sluit mij daar graag bij aan (wat impliceert dat ik de zojuist in voetnoot 6 genoemde opvatting van Abas niet onderschrijf). Dat er, bij "gemengde" overeenkomsten, een onderscheid gemaakt moet worden tussen "eigenlijke" huurbedingen die aan de regel van art. 7A:1612 BW onderworpen zijn en andere bedingen die te ver van de "eigenlijke" huurverhouding verwijderd zijn om toepassing van art. 7A:1612 BW gerechtvaardigd te doen zijn, ligt bepaald voor de hand; en gezien het uitzonderlijke karakter van de regel van art. 7A:1612 BW treft ook de beperking van die regel tot datgene wat als huur in eigenlijke zin kan worden gekwalificeerd, als zinnig en redelijk(7).
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e, en de alinea staat in dat document op bytes 10703 tot 11700.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/7bddf63d11be03129018ab87477fc968fd30dd7439b0c41205fee6c85db7e66e | shasum -a 256